Badminton Vereniging Almere

Historie

De op 13 juni 1988 opgerichte Badminton Vereniging Almere (BVA) is in feite een voortzetting van de verenigingen BC Almere Haven en ABC. Deze verenigingen besloten in 1988 tot samenwerking op initiatief van een badmintonwerkgroep ‘Samen Sterk’. De werkgroep was uit op samenwerking in de breedte, zoals onder meer ten aanzien van het opleiden van bestuurs- en commissieleden, het bundelen van de jeugdopleidingen en het realiseren van een eigen accommodatie. Het bleek in 1988 nog een brug te ver, want de overige verenigingen hebben de samenwerking, in welke vorm dan ook, jammer genoeg afgewezen.

Wat met de badmintonverenigingen niet lukte, lukte wel met de Gymnastiek en Turnvereniging Almere Sportief (GTVAS). BVA en GTVAS gingen een alliantie aan en samen richtten zij in 1992 de Stichting Sportaccommodaties Flevoland (SSF) op. In april1994 werd het Sporthal Raggers gerealiseerd en in gebruik genomen. In het complex, eigendom van de SSF, beschikte GTVAS over een ‘eigen’ turnzaal en BV Almere over een ‘eigen’ badmintonzaal.
In 2002 is het sportcomplex uitgebreid met een bowlshal, sauna, krachthonk en cursuslokaal.

Na de ingebruikname van het complex is het de BVA voor de wind gegaan. Zowel vanuit sportief als financieel oogpunt gezien. De sportieve resultaten kunnen op het conto van de trainersstaf worden bijgeschreven en het bestuur en met name de penningmeester hanteert de ‘gouden standaard’.

Twee Decenia BVA, door de ogen van voorzitter Henk Staats

De fusie tussen BC Almere Haven en ABC (in feite een afscheiding van BAH) kwam niet zo maar tot stand. Toen de ledenvergaderingen akkoord waren met de fusie werd er in de persoon van Jan Scheffer, oud-bestuurslid van de afdeling Amsterdam, een formateur gevonden. Jan Scheffer sprak met personen die hij zag zitten om bestuurslid te worden van de nieuwe vereniging en met bestuursleden van de beide verenigingen. En zo werd er een bestuur geformeerd en werd ik tot voorzitter gemaakt.

“Een leuke anekdote in dit kader is dat tijdens de ledenvergadering van BAH er slechts met een meerderheid van één stem werd gekozen voor de fusie. In de ledenvergadering stemden voor de fusie Albert Roozenburg en Conny Cashoek, maar die waren helemaal geen lid van BAH! Ik wist het, maar hield wijselijk mijn mond.”

Alhoewel er gefuseerd was, werd er heel bewust door het nieuwe bestuur een nieuwe vereniging opgericht. Het nieuwe bestuur wilde namelijk niet geconfronteerd worden met lijken uit de kast bij de oude verenigingen BAH en ABC. Die twee verenigingen bleven op papier bestaan en bleven dus aansprakelijk en de nieuwe vereniging kon buiten schot blijven. En naar later bleek was dat maar goed ook! Want lijken waren er genoeg.
Bij Badminton Nederland werd er juist strategisch gekozen de fusie te benadrukken om zodoende de teams in de competitie te kunnen handhaven, en dat lukte.
Uitgangspunten van de nieuwe vereniging waren onder meer:
- een goede administratieve organisatie opzetten (AO heet dat in vaktermen);
- het schrijven van een technisch beleidsplan;
- het aantrekken van vakkundige trainers.

Bij veel sportverenigingen is een goede administratieve organisatie ver te zoeken, met alle financiële problemen van dien. De nieuwe vereniging wilde dat zeer beslist voorkomen en afgesproken werd dat er een maandelijks rapportagesysteem zou komen en dat de ledenadministratie gekoppeld zou worden aan de boekhouding. Tussen de ledenadministratie en de boekhouding mocht geen daglicht zitten. De penningmeester van het eerste uur zou dat verder uitwerken en kreeg daar een jaar de tijd voor.

“Wel al na een jaar bleek dat de nieuwe penningmeester een heel aardige man was, maar er werkelijk niets van bakte. Pas maanden na het eerste boekjaar werd er 's nacht bij mij privé een enveloppe in de bus gestopt met een excelsheetje met cijfers en het heugelijke feit dat we Hfl. 20.000,-- winst zouden hebben gemaakt. Mijn overtuiging was dat hier niets van klopte, want waarom stond er dan geen geld op de bank?Met terugwerkende kracht deden Ed Oosterling en Chris Smeekes de hele boekhouding over, met als uitkomst dat we Hfl 20.000,- verlies hadden gedraaid. Dat was met name een gevolg van het feit dat de begroting gebaseerd was op de leden van oude verenigingen. En die ledenaantallen waren schromelijk overdreven, om het netjes te zeggen.
Van de eerste penningmeester hebben we onmiddellijk afscheid genomen. Ed en Chris hebben vervolgens jarenlang de administratie gedaan en Ank Oosterling deed de ledenadministratie. Het technisch koppelen van de ledenadministratie met de boekhouding bleek eind jaren tachtig automatiseringstechnisch nog niet mogelijk, maar in ieder geval was er wel sprake van enige koppeling, Ank en Ed zijn immers via een huwelijk aan elkaar gekoppeld :)”

Albert Roozenburg schreef het eerste beleidsplan voor de nieuwe vereniging. Met name de oudgedienden van BAH vonden het maar overdreven, maar al gauw bleek dat het een prima richtsnoer was om de sportieve prestaties te meten aan hetgeen we nastreefden met de nieuwe vereniging. Om de doelstellingen in het beleidsplan te verwezenlijken, was het nodig om goede trainers aan te stellen. Persoonlijk kende ik Ron Mayer uit mijn Amsterdamse periode. Met bescheiden middelen kreeg hij bij de badmintonvereniging UVO in Amsterdam Noord een prima jeugdopleiding van de grond. En Ron Mayer werd dan ook gehaald om hetzelfde kunstje bij onze vereniging te doen. En dat deed hij dan ook.

“Eén van de jeugdcommissieleden van de vereniging, die deze functie ook vervulde bij BAH hoor ik nog zeggen toen een jeugdteam tegen IJmond moest, dat dit een heel sterke club was en dat we blij mochten zijn als we gelijk zouden spelen. Dat was heel snel anders en de jeugd van Almere behaalde steeds betere prestaties en de andere grote verenigingen moesten rekening gaan houden met de jeugdteams van Almere. Er werd nu echt getraind en dat was heel anders dan men gewend was. Bij BAH liet men letterlijk en figuurlijk de kinderen op de training rondjes lopen en de trainer zat op een stoel toe te kijken.”

Ook aan de senioren werd gedacht en Jack Souissa, die ik weer kende via de regiotraining in Het Gooi, was een aantal jaren trainer en bracht het spelpeil zienderogen omhoog. En dat spelpeil werd er niet minder op toen Roy Calbo als trainer-coach werd aangesteld.
In 1993 werd Erik Staats Nederlands jeugdkampioen in het gemengd dubbel onder de 12 jaar. Een historisch unieke gebeurtenis voor de Badminton Vereniging Almere. Inmiddels staat de teller op meer dan 60 Nederlandse Jeugdtitels, waarbij Gita Djajawasito, Yvonne Sie en Stephan Branderhorst de echte uitschieters zijn en grossierden in titels. Zelfs vier Europese titels zijn er binnengehaald!

De prestaties in de competitie bleven ook niet achter. Bij de start van de vereniging speelde het eerste team vierde divisie en de andere teams speelden op districtsniveau. Met ingang van het seizoen 2011/2012 spelen we met tien teams landelijk en ruim tien teams op districtsniveau! Jaar op jaar promoveerden de teams en team 1 werd in 2002/2003 kampioen in de eerste divisie en promoveerde naar de eredivisie. Aan de eredivisie is trouwens een apart hoofdstukje gewijd. In het seizoen 2010/2011 haalde het eerste team, spelend onder de naam Dekker Almere, zelfs de play-offs.

Ook de jeugdteams werden vele malen kampioen. Bij landelijke regionale kampioenschappen heeft het eerste jeugdteam vele malen het officieuze Nederlandse kampioenschap behaald!

“Een aantal verenigingen deed hun uiterste best om Almere te dwarsbomen en promoties te voorkomen. Almere stond en staat bekend om zijn goede jeugdopleiding en grote verenigingen pikten graag een graantje mee uit onze jeugdtalentenruif. Een Amstelveense vereniging maakte het wel erg bont door vanaf de oprichting van onze vereniging bijna 30 (jeugd)leden over te nemen. Velen zijn overigens in de loop der jaren weer teruggekeerd, want het voorgespiegelde groene gras bleek al snel minder groen. Toen in het seizoen 2009/2010 een speler van deze vereniging overstapte naar Almere, was de wereld te klein en werd er met juridische procedures gedreigd.”

Niet onvermeld mag blijven dat Aisha Krak onze vereniging in het jaar 1999 op de 'internetkaart' zette. Inmiddels is onze site de drukst bezochte verenigingssite in badmintonland en 'wereldberoemd' met meer dan één miljoen hits per jaar.

Na het vertrek van Calbo aan het eind van het seizoen 2005/2006 vond er binnen de vereniging een duidelijke cultuuromslag plaats. Vertoonde de vereniging tot dan toe sektarische trekjes, dat werd duidelijk anders. Het werd een open vereniging. Spelers van buiten Almere zijn meer dan welkom en nadrukkelijk is door de Sporttechnische Commissie samenwerking gezocht met Badminton Nederland. Dat resulteerde al snel in de oprichting van een regionaal topsportcentrum Almere en dat werd niet veel later de Badminton School Almere (BSA). De BSA was bepaald niet bestemd voor Almeerse kinderen. Deelnemers komen zelfs uit Friesland, Noord Holland, Gelderland en Utrecht.
In augustus 2010 werd de provincie Flevoland zelfs een badminton academie rijker. Samen met Badminton Nederland, de Provincie Flevoland, Sportservice Flevoland zag de Badminton Academie Flevoland het licht. En ook hier deelnemers uit alle windstreken!
De grote initiator achter dit alles, Otto van Stenus, mag niet onvermeld blijven.

Het is goed dat een ieder zich realiseert dat de grote sportieve successen behaald zijn door de inzet van vele vrijwilligers, maar wat de vereniging ten zeerste geholpen heeft, is het feit dat de vereniging de beschikking heeft van Sporthal Raggers. In facilitaire zin komen de spelers niet veel te kort. Dagelijks wordt er gebruik gemaakt van de Carltonzaal met tien badmintonvelden, een krachthonk, een sauna en een cursuslokaal met internetaansluiting.

De bouw van dit sportcomplex in 1993/1994 is overigens bepaald niet over rozen gegaan. De initiatiefnemers hebben ruim vier jaar onderhandeld met de gemeente. Onze vereniging bestond nauwelijks twee jaar toen we met groot elan aankondigden een eigen sportcomplex wilden bouwen. Geen cent op de bank, maar vol ambitie. En ik denk dat de gemeente ons ook wel kwijt wilde uit de gemeentelijke sporthallen in Haven en Waterwijk. Er was een groot te kort aan zaalruimte. Meer over de oprichting van de sporthal leest u onder De stichtingen>SSF.
Twee anekdotes wil ik u in dit kader niet onthouden.

“De gemeente stelde destijds dat er geen sprake kon zijn van het bouwen van een eigen hal, omdat we als vereniging niet over een eigen vermogen beschikten. En dat klopte na het desastreus verlopen eerste boekjaar. Maar dat gebrek aan eigen vermogen hebben we met creatief boekhouden opgelost. Bertus Stoeltjes had twaalf prachtige scoreborden gemaakt, gebruiken we nu nog, en Bob Mersie had twee fraaie opbergsystemen gemaakt voor de netten.
De twaalf scoreborden werden gewaardeerd op Hfl.1.250,-- per stuk en de opbergsystemen op Hfl. 1.500,-- per stuk. Dat maakte samen Hfl. 18.000,--. Dat werd als inventaris op de balans gezet met als tegenpost het eigen vermogen van Hfl. 18.000,--. Vraag mij niet hoe het mogelijk is, maar het werd geaccepteerd en onze vereniging was een van de weinige Almeerse sportverenigingen met een eigen vermogen! Het gevolg, we werden een serieuze gesprekspartner voor de gemeente.”

“Vanaf het begin was er bij de bouwplannen van uitgegaan dat in het sportcomplex ook een gymzaal opgenomen zou worden voor de twee basisscholen. De gemeente was bereid om voor de bouw van deze gymzaal een miljoen guldens beschikbaar te stellen. Na de realisatie van de bouw wilde de fiscus de omzetbelasting afgedragen zien over deze subsidie van één miljoen guldens. Bij de financiering van het complex was er rekening meegehouden dat er zo'n Hfl. 150.000,-- zou moeten worden afgedragen, er was immers sprake van een prestatie richting gemeente middels de gymzaal. Toen ik nog werkte schepte ik er genoegen in om kennis te nemen van gerechtelijke uitspraken omtrent BTW-geschillen. En dat maakte dat ik voorstelde aan de bestuursleden van de SSF en de BSAO om niet zonder meer af te dragen, maar er een fiscalist bij te halen. Ik zag namelijk toch mogelijkheden om aan de afdracht te ontkomen. Dat vond de fiscalist ook. Ik ga u niet vermoeien met de fiscale regels maar het kwam er op neer dat we het complex al drie jaar in gebruik hadden en de Belastingdienst uiteindelijk besloot dat we geen BTW hoefden af te dragen. Voor deze Hfl 150.000,-- hebben we toen Rabo-certificaten gekocht en die hebben we nog steeds. Is alleen nu minimaal € 150.000,-- waard :)”

Sportief is het onze vereniging voor de wind gegaan, dat is inmiddels wel duidelijk, maar ook financieel mogen we bepaald niet klagen. De Badminton Vereniging Almere is een vereniging met een hoge mate van soliditeit. Door de jaren heen is er op gelet dat de sportieve ambities volkomen in evenwicht zijn met de financiële mogelijkheden van de vereniging. Penningmeester Vincent Festen, sinds 1999, rapporteert maandelijks de financiële cijfers en zo kan de vinger aan de pols worden gehouden!
En wat de ooit vastgestelde uitgangspunten bij de oprichting van de vereniging betreft, wel ook die zijn gerealiseerd. Jaarlijks brengt de vereniging de jaarstukken uit (zowel cijfermatig als een beschrijvend verslag), de statuten en het Huishoudelijk reglement zijn in een handboek vervat met bijlagen waarin de taken en bevoegdheden van de commissies zijn omschreven, er is een up to date sponsorbrochure en het beleidsplan wordt regelmatig getoetst en eens in de vijf jaren herzien.

Voorts onderhoudt de vereniging uitstekende betrekkingen met de gemeente Almere, de Provincie Flevoland, Sportservice Flevoland en Badminton Nederland.
Met het aanstellen van een combinatiefunctionaris in 2010 laat de vereniging zich dagelijks zien op de basis- en middelbare scholen om clinics te geven.
De vereniging is bovendien door twee onderwijsinstituten in Nederland gecertificeerd als stagevereniging.

De Badminton Vereniging Almere is een maatschappelijke sportvereniging geworden. Het is voor een groot deel van onze leden een tweede sociaal circuit geworden. Er worden gezellige clubavonden georganiseerd en noem maar op.

Zonder al te ijdel te zijn kunnen we stellen dat de Badminton Vereniging een leidende vereniging is geworden in Almere en de Provincie Flevoland.

Elders op de site vindt U een overzicht van leden die zijn onderscheiden door de vereniging of door Badminton Nederland, de gemeente Almere of zelfs Hare Majesteit de Koningin.

Een aantal vrijwilligers is echter wel heel erg belangrijk geweest en is beleidsbepalend en/of langdurig ondersteunend (geweest) voor de vereniging en/of voor de aan de vereniging gelieerde stichtingen zoals:

De vereniging is deze leden heel veel dank verschuldigd.